Terug naar af

Met mijn zoontje van vier speel ik regelmatig ganzenbord. Dat gaat er uitermate fanatiek aan toe met spuug op dobbelstenen en gemene lachjes als de ander een beurt moet overslaan. Een dramatisch dieptepunt vormt het moment dat een van ons, vijf vakjes vóór de felbegeerde finish op het plaatje van de dode gans belandt, want dat betekent: terug naar af. Met een sip gezicht erkennen we ons verlies en beginnen zuchtend opnieuw. Of niet, er vliegen ook wel eens pionnen door de kamer en dan is het met het spel en ook met de gezelligheid echt gedaan.

Dat beeld, net voor de finish worden teruggefloten, kwam bij me op toen ik in gesprek raakte met Moses, een Nigeriaanse jongen in het Wereldhuis. Hij was vanuit Italië naar Nederland gereisd en sliep al een week op een bankje in het park. Of ik hem kon helpen aan een echte slaapplek. En vervolgens bij het waarmaken van zijn droom: leven en werken in Europa, geld verdienen, een deel opsturen naar huis om zijn familie te ondersteunen en dan een gezin vormen. Een milde glimlach speelde om zijn lippen.

Ik pakte de telefoon. Was er plek in de BBB’s? ‘Nee’, zei de vriendelijke mevrouw aan de andere kant van de lijn, er waren nog 12 wachtenden voor hem. Een uurtje later probeerden we het nog eens, maar helaas – nog steeds geen bed voor Moses. Hij zuchtte. Ik zuchtte. Hier zaten twee mensen op nog geen meter afstand van elkaar, maar in zulke verschillende werelden levend. Of moet ik zeggen: de een levend, de ander overlevend. In de stilte die viel, stamelde ik: ‘Als je nou moet kiezen tussen hier op een bankje in de regen of terug naar je familie met een beetje geld en misschien wat handige cursussen, is die tweede optie dan geen betere?’
Zijn gezicht betrok en ineens besefte ik dat ik met die ene vraag zijn pion, net voor de finish, in het vakje van de dode gans had gezet. Want wat ik eigenlijk tegen hem zei, was dit: ga na twee jaar over het speelbord schuifelen, na woestijnen, zeeën en kampen, maar terug naar af. Deze plek hier, die je tijdens je reis als een stip aan de horizon zette, als het land van melk en honing, geeft jou namelijk geen toegang. Ga maar terug naar huis en hoop dat je met die paar euro’s en dat pak stroopwafels de schuld kunt verrekenen die je bij je familie hebt uitstaan. Zo moet die ene stamelende vraag van mij ongeveer geklonken hebben in zijn oren.
Ik schaamde me en kon weinig doen om de pijn te verzachten behalve hem een dekentje aanbieden. Dat sloeg hij af, Moses stond op en liep met ferme passen naar buiten.

Ik hoop dat hij net als zijn Bijbelse naamgenoot van lang geleden op een dag de finish haalt en oprechte bevrijding ervaart…


Geeske Hovingh is Activiteitencoordinator in het Wereldhuis